Finance - Tender
Susanne Piët

Handel en wandel in Nederland worden sterk beinvloed door twee mogendheden: De Verenigde Staten en Frankrijk. Van het laatste ex-imperium hebben we de bureaucratie en aan Bush-country danken we de geneugten van the American Dream: alles draait om het recht van de sterkte en alles is te koop. Het lijkt een immense gedachtesprong, maar ik meen werkelijk dat het verschijnsel waaraan ik deze column wijden wil aan deze invloeden te danken is: het verschijnsel van de tender. Niet de tender van: Tender is The Night. Maar de tender van de mededinging voor een grote opdracht.
Overheden zijn dankzij Europese regelgeving verplicht om bij opdrachten die een bepaald bedrag te boven gaan, -u weet dat beter dan ik-, met een open uitnodiging gegadigden in de gelegenheid te stellen om in te schrijven voor een soort competitie. Bedrijven zijn weliswaar niet verplicht, maar kennelijk wel genegen of van gewoonte, om bureaus in onderlinge rivaliteit te laten optreden alvorens een keuze te maken. Een dergelijke benadering was al gebruikelijk bij reclameopdrachten. Zij heeft nu ook haar intrede gedaan bij advies-en reorganisatieopdrachten. Accountantskantoren zijn evenmin de dans ontsprongen.
Volgens mij heeft nog niemand echt uitgerekend welk percentage van winst of omzet jaarlijks wordt uitgegeven aan de inspanningen die dergelijke mededingen vergen, maar de post acquisitie per bedrijf zal zeker relevant zijn en de druk erop aanzienlijk. Er is ter compensatie werkverschaffing mee gemoeid: drukwerk, powerpoint presentaties en presentatietrainingen, het houdt menigeen van de straat. Dat ook aan de kant van de opdrachtgever grote investeringen aan tijd en moeite moeten worden gedaan om al die kandidaten langs te laten paraderen wordt misschien nog minder duidelijk begroot. Maar ik weet inmiddels uit ervaring dat de hele operatie een enorme ontwrichting betekent voor per gelegenheid een aardig aantal organisaties en bedrijven, men valt soms ten prooi aan hartverzakkende stress, zonder dat je van echte productie spreken kunt en zonder dat men aan echte productie toekomt.
Het grote gevaar van die presentatie-rondes is bovendien dat de kandidaten zich meer specialiseren in de showdynamiek dan in het vak, verslaafd als onze wereld is aan consumptie van prikkels en amusement. Er is immers geen tweede kans voor een eerste indruk: laten we leuk doen. Een reeel risico is dat de opdrachtgever zijn keuze gaat maken op grond van het gevoel: de grootste aantrekkelijkheid, de prettigste beleving van de kennismaking, in plaats van een inschatting over de kwaliteit die de kandidaten straks kunnen gaan leveren. Dat reclamebureaus elkaar proberen af te troeven met glossy materiaal, multimediapresentaties en lekker-leukvormen valt nog te verdedigen met de argumentatie dat ze daarin immers ook goed moeten zijn. Maar dat accountantskantoren elkaar de loef afsteken met kleur, glamour en vormdynamiek is een andere zaak, mijns inziens geen goede bovendien. De kracht van accountancy is betrouwbaarheid: een combinatie van visie op de toekomst, persoonlijke integriteit en garantie van zekerheid. Of vindt u van niet? Natuurlijk, vorm is belangrijk. Maar er bestaat zoiets als een relatie tussen vorm en functie, of (Menno ter Braak) vorm en vent. Dat alles opgeleukt moet worden is een misverstand. Maar durf die maar eens te bestrijden. Hoe kun je er als kandidaat-opdrachtnemer immers op vertrouwen dat de opdrachtgever volwassen genoeg is om door lekkers heen te kijken naar de kern van de zaak? En waarom worden die tenders trouwens gelopen? Zelden om een geniale gedachte. Soms om verplichting door regels. Vaak ook uit lafheid: zodat niemand je achteraf kan betichten van verantwoordelijkheid voor een foute keuze. Terwijl de commissies vaak allang weten wie ze willen kiezen gaan die producties van ellenlange zittingen en kilometers tekst gewoon maandenlang door. Tenders.
Tender is the Night? Nee, Tender is the Nightmare.

Susanne Piët

Terug naar archief